| LET OP: Dit topic is meer dan drie jaar geleden geplaatst. De informatie is mogelijk verouderd. |
[ archief ] (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
-
spaarvarken
- Berichten: 104
- Lid geworden op: 02 sep 2004 11:38
(oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Sorry voor deze verwarrende thread. Deze zaak is al een heel oude, nl. van 2004! Ik had dat bij het zoeken op rechtspraak.nl over het hoofd gezien. Desalniettemin interessant om te bekijken.
Uitspraak
Rechtbank Haarlem
sector kanton, locatie Haarlem
zaak/rolnummer: 225794/CV EXPL 04-282
datum uitspraak: 17 maart 2004
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
DEXIA BANK NEDERLAND N.V.
rechtsopvolgster onder algemene titel van Bank Labouchère N.V.,
eveneens handelend onder de handelsnaam Legio, rechtsopvolgster van legio Lease B.V.
te Amsterdam
eisende partij
hierna te noemen Dexia
gemachtigde C.T. Snijder
--tegen--
[gedaagde]
te [woonplaats]
gedaagde partij
hierna te noemen [gedaagde]
procederende zonder gemachtigde
De procedure
Dexia heeft [gedaagde] gedagvaard op 7 januari 2004. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord. Bij tussenvonnis van 4 februari 2004 is een comparitie van partijen gelast. Deze is gehouden op 17 februari 2004. Dexia is zonder opgaaf van redenen niet ter comparitie verschenen.
De feiten
1. [gedaagde] heeft met Dexia een zogenoemde "WinstVerdubbelaar" overeenkomst gesloten. Op de overeenkomst zijn de Bijzondere Voorwaarden van Dexia van toepassing.
2. Op 1 augustus 2002 heeft Dexia [gedaagde] in verband met de beëindiging van boven-genoemde overeenkomst een eindafrekening gezonden ten belope van € 1.237,05.
3. [gedaagde] is ondanks aanmaning niet tot betaling overgegaan.
De vordering
Dexia vordert (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.725,38. Dexia stelt daartoe het volgende.
[gedaagde] dient in verband met de beëindiging van de overeenkomst een bedrag van € 1.237,05 aan Dexia te voldoen.
Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven heeft [gedaagde] Dexia genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. Dexia heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van € 323,68, inclusief BTW. [gedaagde] dient deze kosten, naast de hoofdsom, ingevolge de algemene voorwaarden aan Dexia te voldoen.
Voorts vordert Dexia de contractuele rente ad 1,16% per maand, welke berekend vanaf 31 juli 2002 tot en met 29 juli 2003 € 164,65 bedraagt.
Het verweer
[gedaagde] erkent een bedrag van € 1.191,31 aan Dexia verschuldigd te zijn. Hij stelt altijd bereid te zijn geweest en nog steeds bereid te zijn om dit bedrag door middel van een betalings-regeling te voldoen. [gedaagde] betwist de vordering voor het overige. Hij voert daartoe onder meer het volgende aan.
Bij brief van 6 augustus 2002 heeft [gedaagde] aan Dexia medegedeeld, dat het door hem verschuldigde bedrag zijns inziens € 1.191,31 bedraagt. Hij heeft voorgesteld om dit bedrag in maandelijkse termijnen van € 100,-- te voldoen. Dexia heeft niet op deze brief gereageerd, maar heeft [gedaagde] op 15 augustus en 22 augustus 2002 aangemaand tot betaling van het bedrag van € 1.237,05, onder aanzegging van incassomaatregelen.
[gedaagde] heeft Dexia bij brief van 27 augustus 2002 verzocht om een reactie op zijn brief van 6 augustus 2002. Dexia heeft wederom niet gereageerd.
Bij brief van 14 november 2003 heeft de incassogemachtigde van Dexia [gedaagde] gesommeerd tot betaling van een bedrag van € 2.092,19 ter zake van de hoofdsom vermeerderd met kosten.
[gedaagde] heeft diezelfde dag telefonisch en per e-mail bij Dexia tegen de sommatie geprotesteerd.
Op 6 december 2003 heeft Dexia [gedaagde] per e-mail medegedeeld zo spoedig mogelijk te zullen reageren.
De beoordeling van het geschil
Door zonder bericht niet ter comparitie te verschijnen en ook nadien niets van zich te laten horen, heeft Dexia de mogelijkheid om op het verweer van [gedaagde] in te gaan en haar vordering nader te onderbouwen niet te baat genomen.
Dit leidt ertoe dat de vordering ter zake van de hoofdsom zal worden toegewezen tot het door [gedaagde] erkende bedrag van € 1.191,31, vermeerderd met de contractuele rente, en voor het overige zal worden afgewezen.
Het gedeelte van de vordering strekkende tot betaling van de buitengerechtelijke kosten zal worden afgewezen nu, gelet op het verweer van [gedaagde] en het ontbreken van een reactie van Dexia daarop, van de noodzaak van het maken van deze kosten niet is gebleken.
De kantonrechter kan [gedaagde] geen betalingsregeling gunnen. [gedaagde] dient zich daarvoor tot (de gemachtigde van) Dexia te wenden.
[gedaagde] dient als de voor het grootste deel in het ongelijk gestelde partij de proceskosten te dragen, met dien verstande dat de omstandigheden van het geval rechtvaardigen dat [gedaagde] de kosten die hij heeft moeten maken om aanwezig te zijn op de comparitie, daarop in mindering brengt.
Beslissing
De kantonrechter:
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Dexia van € 1.191,31, te vermeerderen met de contractuele rente ad 1,16% per maand over dat bedrag vanaf 31 juli 2002 tot aan de dag der algehele voldoening;
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van Dexia tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd, en bepaalt dat de explootkosten worden verhoogd met een percentage dat overeenkomt met het percentage, bedoeld in art. 9, 1e lid, van de Wet op de Omzetbelasting 1968, omdat EEE de haar in rekening gebrachte omzetbelasting niet op grond van genoemde wet kan verrekenen en dit nadrukkelijk verklaart, en de gerechtsdeurwaarder aan de voet van het exploot verklaart dat de kosten in verband daarmee zijn verhoogd:
exploot € 73,00
vastrecht € 162,00
salaris gemachtigde € 135,00;
- bepaalt dat [gedaagde] op de door hem aan Dexia te betalen proceskosten een bedrag van € 25,-- ter zake van door hem gemaakte reis- en verletkosten in mindering mag brengen;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af hetgeen meer of anders mocht zijn gevorderd.
Dit vonnis is gewezen door mr. C.J. Harts en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.
http://www.rechtspraak.nl/ljn.asp?ljn=AP0215
Uitspraak
Rechtbank Haarlem
sector kanton, locatie Haarlem
zaak/rolnummer: 225794/CV EXPL 04-282
datum uitspraak: 17 maart 2004
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
DEXIA BANK NEDERLAND N.V.
rechtsopvolgster onder algemene titel van Bank Labouchère N.V.,
eveneens handelend onder de handelsnaam Legio, rechtsopvolgster van legio Lease B.V.
te Amsterdam
eisende partij
hierna te noemen Dexia
gemachtigde C.T. Snijder
--tegen--
[gedaagde]
te [woonplaats]
gedaagde partij
hierna te noemen [gedaagde]
procederende zonder gemachtigde
De procedure
Dexia heeft [gedaagde] gedagvaard op 7 januari 2004. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord. Bij tussenvonnis van 4 februari 2004 is een comparitie van partijen gelast. Deze is gehouden op 17 februari 2004. Dexia is zonder opgaaf van redenen niet ter comparitie verschenen.
De feiten
1. [gedaagde] heeft met Dexia een zogenoemde "WinstVerdubbelaar" overeenkomst gesloten. Op de overeenkomst zijn de Bijzondere Voorwaarden van Dexia van toepassing.
2. Op 1 augustus 2002 heeft Dexia [gedaagde] in verband met de beëindiging van boven-genoemde overeenkomst een eindafrekening gezonden ten belope van € 1.237,05.
3. [gedaagde] is ondanks aanmaning niet tot betaling overgegaan.
De vordering
Dexia vordert (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 1.725,38. Dexia stelt daartoe het volgende.
[gedaagde] dient in verband met de beëindiging van de overeenkomst een bedrag van € 1.237,05 aan Dexia te voldoen.
Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven heeft [gedaagde] Dexia genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. Dexia heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van € 323,68, inclusief BTW. [gedaagde] dient deze kosten, naast de hoofdsom, ingevolge de algemene voorwaarden aan Dexia te voldoen.
Voorts vordert Dexia de contractuele rente ad 1,16% per maand, welke berekend vanaf 31 juli 2002 tot en met 29 juli 2003 € 164,65 bedraagt.
Het verweer
[gedaagde] erkent een bedrag van € 1.191,31 aan Dexia verschuldigd te zijn. Hij stelt altijd bereid te zijn geweest en nog steeds bereid te zijn om dit bedrag door middel van een betalings-regeling te voldoen. [gedaagde] betwist de vordering voor het overige. Hij voert daartoe onder meer het volgende aan.
Bij brief van 6 augustus 2002 heeft [gedaagde] aan Dexia medegedeeld, dat het door hem verschuldigde bedrag zijns inziens € 1.191,31 bedraagt. Hij heeft voorgesteld om dit bedrag in maandelijkse termijnen van € 100,-- te voldoen. Dexia heeft niet op deze brief gereageerd, maar heeft [gedaagde] op 15 augustus en 22 augustus 2002 aangemaand tot betaling van het bedrag van € 1.237,05, onder aanzegging van incassomaatregelen.
[gedaagde] heeft Dexia bij brief van 27 augustus 2002 verzocht om een reactie op zijn brief van 6 augustus 2002. Dexia heeft wederom niet gereageerd.
Bij brief van 14 november 2003 heeft de incassogemachtigde van Dexia [gedaagde] gesommeerd tot betaling van een bedrag van € 2.092,19 ter zake van de hoofdsom vermeerderd met kosten.
[gedaagde] heeft diezelfde dag telefonisch en per e-mail bij Dexia tegen de sommatie geprotesteerd.
Op 6 december 2003 heeft Dexia [gedaagde] per e-mail medegedeeld zo spoedig mogelijk te zullen reageren.
De beoordeling van het geschil
Door zonder bericht niet ter comparitie te verschijnen en ook nadien niets van zich te laten horen, heeft Dexia de mogelijkheid om op het verweer van [gedaagde] in te gaan en haar vordering nader te onderbouwen niet te baat genomen.
Dit leidt ertoe dat de vordering ter zake van de hoofdsom zal worden toegewezen tot het door [gedaagde] erkende bedrag van € 1.191,31, vermeerderd met de contractuele rente, en voor het overige zal worden afgewezen.
Het gedeelte van de vordering strekkende tot betaling van de buitengerechtelijke kosten zal worden afgewezen nu, gelet op het verweer van [gedaagde] en het ontbreken van een reactie van Dexia daarop, van de noodzaak van het maken van deze kosten niet is gebleken.
De kantonrechter kan [gedaagde] geen betalingsregeling gunnen. [gedaagde] dient zich daarvoor tot (de gemachtigde van) Dexia te wenden.
[gedaagde] dient als de voor het grootste deel in het ongelijk gestelde partij de proceskosten te dragen, met dien verstande dat de omstandigheden van het geval rechtvaardigen dat [gedaagde] de kosten die hij heeft moeten maken om aanwezig te zijn op de comparitie, daarop in mindering brengt.
Beslissing
De kantonrechter:
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Dexia van € 1.191,31, te vermeerderen met de contractuele rente ad 1,16% per maand over dat bedrag vanaf 31 juli 2002 tot aan de dag der algehele voldoening;
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van Dexia tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd, en bepaalt dat de explootkosten worden verhoogd met een percentage dat overeenkomt met het percentage, bedoeld in art. 9, 1e lid, van de Wet op de Omzetbelasting 1968, omdat EEE de haar in rekening gebrachte omzetbelasting niet op grond van genoemde wet kan verrekenen en dit nadrukkelijk verklaart, en de gerechtsdeurwaarder aan de voet van het exploot verklaart dat de kosten in verband daarmee zijn verhoogd:
exploot € 73,00
vastrecht € 162,00
salaris gemachtigde € 135,00;
- bepaalt dat [gedaagde] op de door hem aan Dexia te betalen proceskosten een bedrag van € 25,-- ter zake van door hem gemaakte reis- en verletkosten in mindering mag brengen;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af hetgeen meer of anders mocht zijn gevorderd.
Dit vonnis is gewezen door mr. C.J. Harts en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.
http://www.rechtspraak.nl/ljn.asp?ljn=AP0215
Laatst gewijzigd door spaarvarken op 16 jun 2005 19:25, 1 keer totaal gewijzigd.
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Deze zaak is dus verlioren als ik het goed begrijp.
VR GR
VR GR
-
spaarvarken
- Berichten: 104
- Lid geworden op: 02 sep 2004 11:38
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Twee bijzondere uitkomsten:
-Dexia heeft geen verdere eisen of toelichtingen ingebracht op het verweer van (x). Door niet op een comparitie te verschijnen en niets van zich te laten horen, heeft Dexia ook de mogelijkheden laten varen om verder iets in te brengen. (Dit had bijvoorbeeld kunnen zijn dat zij meer moeite hadden gedaan om toch die € 1.725.38 te krijgen)
-Persoon (x) is zonder advocaat verschenen. Hij/zij heeft bovendien ueberhaupt nagelaten op gronden zoals WCK/zorgplicht/? van Dexia te eisen de eindafrekening vanwege nieuwe inzichten toch niet te willen voldoen, en daarnaast zijn inleg + maandelijkse termijnen terug te willen krijgen.
Misschien heeft hij/zij gewoon de makkelijkste weg gekozen, om van het gezeur af te zijn.
Knor,
Spaarvarken
-Dexia heeft geen verdere eisen of toelichtingen ingebracht op het verweer van (x). Door niet op een comparitie te verschijnen en niets van zich te laten horen, heeft Dexia ook de mogelijkheden laten varen om verder iets in te brengen. (Dit had bijvoorbeeld kunnen zijn dat zij meer moeite hadden gedaan om toch die € 1.725.38 te krijgen)
-Persoon (x) is zonder advocaat verschenen. Hij/zij heeft bovendien ueberhaupt nagelaten op gronden zoals WCK/zorgplicht/? van Dexia te eisen de eindafrekening vanwege nieuwe inzichten toch niet te willen voldoen, en daarnaast zijn inleg + maandelijkse termijnen terug te willen krijgen.
Misschien heeft hij/zij gewoon de makkelijkste weg gekozen, om van het gezeur af te zijn.
Knor,
Spaarvarken
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Gedupeerde heeft bij de rechter gemeld dat hij het bedrag van ruim € 1191 aan Dexia schuldig is.
Vrgr Pewi
Had de gedaagde nu niet toegegeven dat hij dit bedrag schuldig was aan Dexia, dan had het er waarschijnlijk beter voor hem uit gezien. Deze uitspraak is m.i. een uitspraak waar Dexia ook steken laat vallen.Door zonder bericht niet ter comparitie te verschijnen en ook nadien niets van zich te laten horen, heeft Dexia de mogelijkheid om op het verweer van [gedaagde] in te gaan en haar vordering nader te onderbouwen niet te baat genomen.
Dit leidt ertoe dat de vordering ter zake van de hoofdsom zal worden toegewezen tot het door [gedaagde] erkende bedrag van € 1.191,31, vermeerderd met de contractuele rente, en voor het overige zal worden afgewezen.
Vrgr Pewi
-
spaarvarken
- Berichten: 104
- Lid geworden op: 02 sep 2004 11:38
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
De gedupeerde zou op basis van nieuwe feiten alsnog een rechtzaak kunnen beginnen om zijn geld terug te krijgen, nietwaar? Bijvoorbeeld de Wck/Zorgplicht.
Knor,
Spaarvarken
Knor,
Spaarvarken
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Tuurlijk, dream on
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Deze klant van Dexia kan niet opnieuw beginnen, maar gelet op de hoogte van de eis wel in hoger beroep. Dat heeft echter geen zin omdat hij erkend heeft een bedrag verschuldigd te zijn. Daarop kan de gedaagde niet meer terugkomen. Wel zou Dexia in hoger beroep kunnen gaan om alsnog veroordeling van de kosten te krijgen. Ook dat zal vermoedelijk echter weinig zin hebben, gelet op de beroerde behandeling van Dexia van de zaak vóór de procedure.
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Prettig om af en toe ook eens een zinnig (juridisch) stuk op dit forum te lezen ipv het gebruikelijke genitwit.
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
Juridisch stukje van Bokkie
Lekker Piet, weer een donatietje in de knip! Vanavond biefstuk ipv een gehaktbal.
Laatst gewijzigd door pluutje op 17 jun 2005 13:45, 3 keer totaal gewijzigd.
Re: (oud) Uitspraak Haarlem wv3d Dexia komt niet opdagen
M.b.t. Wv3d
http://www.wieringa-advocaten.nl/blog/n ... php?id=308
http://www.wieringa-advocaten.nl/blog/n ... php?id=308
PewiWinstverdriedubbelaar inderdaad nietig
Datum: 05-04-2005
Door: Jonathan Barth
Bijna onopgemerkt in deze weblog, heeft de rechtbank Arnhem op 16 februari 2005 bepaald dat de WinstVerDrieDubbelaar (WV3D) nietig is op grond van de Wet op het Consumentenkrediet (Wck). Het betreft hier een vervolguitspraak in de zaak waarover wij eerder schreven in de weblog van 16 juli 2004. Kort gezegd, werd in dat eerdere tussenvonnis door de rechtbank Arnhem aangenomen dat de Wck van toepassing is op de WV3D en dat waarschijnlijk daardoor de WV3D nietig is. De rechtbank Arnhem gaf partijen de gelegenheid om een nadere toelichting te geven op dit voorlopige oordeel.
Dexia voerde na het tussenvonnis vervolgens aan dat de Wck niet van toepassing is op de WV3D. Immers: de Wck is weliswaar van toepassing op alle krediettransacties maar de Wck maakt ook een uitzondering voor "effectenbelening". En de WV3D is effectenbelening, aldus Dexia, en dan is dus de Wck niet van toepassing.
Dexia baseerde dit standpunt mede op bepaalde uitlatingen van de Minister van Financiën, die op diverse plaatsen aan de Tweede Kamer heeft gezegd dat de Wck niet van toepassing is op effectenlease overeenkomsten. Volgens Dexia heeft zij vertrouwd op deze (openbare) uitlatingen van de Minister van Financiën, en gaat het niet aan om haar nu achteraf te confronteren met een gevolg dat zij niet heeft kunnen voorzien. Dit is inderdaad een sterk argument van Dexia, en de rechtbank gaat er uitgebreid op in. De door Dexia aangehaalde uitlatingen van de Minister van Financiën zijn volgens de rechtbank echter strijdig met de verplichte Richtlijnconforme uitleg van de Wck en met de bedoelingen van de Wck. Daarnaast heeft de Minister van Financiën ook wel eens gezegd dat effectenlease wél onder de Wck valt; de uitlatingen van de Minister van Financiën zijn enigszins tegenstrijdig. De rechtbank geeft dan ook een behoorlijke vingerwijzing aan de Minister van Financiën. Letterlijk zegt de rechtbank: "De vraag rijst of de Minister van Financiën hierin gelukkig heeft geopereerd". Ik zag nog niet eerder een zo onverholen kritiek van een rechter op de wetgever.
Wat er ook zij van het bovenstaande, de rechtbank moet een knoop doorhakken. En uiteindelijk beslist de rechtbank dat de Richtlijnconforme uitleg en de bedoelingen van de Wck, sterker zijn dan enkele uitlatingen van de Minister van Financiën. Daar komt nog eens bij dat de Minister van Financiën ten tijde van het afsluiten van de WV3D-contracten niet de vergunningen verleende onder de Wck, maar de Minister van Economische Zaken. Kortom: de WV3D geldt niet als "effectenbelening", de WV3D valt wel onder de Wck en de WV3D is nietig omdat Dexia (BankLabouchere) niet over de vereiste vergunning beschikte. Vanwege de nietigheid, moeten de reeds uitgevoerde verbintenissen worden ongedaan gemaakt. Die ongedaanmaking zorgt op haar beurt weer voor diverse juridische verwikkelingen, maar dat valt buiten dit stuk. Wij zullen daar wellicht in een later stadium iets over schrijven.
