verkorte versie artikel Parool (een half A4-tje korter)
Geplaatst: 06 mei 2003 21:43
DE WERELD OP ZIJN KOP
Met opperste verbazing las ik op de beurspagina van het Parool van vrijdag 2 mei jl. het uiterst tendentieuze artikel van journalist Ton Damen over met name de kopers van aandelenleaseproducten. Tom Loonen, bankier en schrijver van het jaarverslag van de Klachtencommissie DSI, wordt door Damen als deskundige opgevoerd. DSI (Dutch Securities Institute) is een orgaan van de Amsterdamse effectenbeurs en maakt als zodanig deel uit van de financiële wereld.
Met gedupeerden van aandelenleasecontracten wordt ongefundeerd en op journalistiek onverantwoorde wijze de vloer aangeveegd. Het zijn “wanbetalers” met “claimgedrag”, die “lont ruiken” en “door al die rechtszaken om hen heen al gauw denken dat ook zij een zaak hebben, want niet geschoten is altijd mis”, aldus de ongenuanceerd redenerende bankier Loonen. Je vraagt je af hoe Damen zo’n eenzijdig betoog durft te publiceren.
Voor een beter begrip van de problemen met aandelenleaseconstructies is het noodzakelijk stil te staan bij de tamelijk recente regelgeving betreffende complexe financiële producten. Mensen die zulke producten aanschaffen hebben in vergelijking met de aanbieders doorgaans een informatieachterstand. Financiële dienstverleners zijn daarentegen goed op de hoogte van onder andere de risico’s die deze producten met zich meebrengen. Ter bescherming van hun potentiële cliënten behoren zij hen over deze risico’s zo objectief mogelijk te informeren. De belangen van cliënten tellen altijd het zwaarst.
Om deze reden zijn banken en andere aanbieders van beleggingsproducten sinds 1999 verplicht een zogenaamd risicoprofiel van hun cliënten samen te stellen. Dat houdt in, dat onder andere vastgelegd wordt hoeveel ervaring iemand met beleggen heeft, hoeveel geld geïnvesteerd kan worden, hoeveel risico een bepaalde cliënt kan lopen, etc. Om een risicoprofiel te kunnen samenstellen zullen banken en andere financiële instellingen met hun cliënten in gesprek moeten treden. Een folder en een telefoontje volstaan beslist niet. Financiële instellingen houden zich nogal eens niet aan deze verplichting. Zij lopen het risico dat door de Autoriteit Financiële Markten (AFM), gedragstoezichthouder op financiële marktpartijen, toezichtsmaatregelen worden getroffen en/of boetes oplegd worden. Banken en andere financiële instellingen die geen gevolg geven aan de verplichting deze profielen samen te stellen, voldoen niet aan de zorgplicht.
In de Algemene Voorwaarden voor banken, die in 1995 zijn vastgelegd, wordt de zorgplicht (art.2) als volgt omschreven: De bank (en andere effecteninstellingen) dient bij haar dienstverlening de nodige zorgvuldigheid in acht te nemen. Zij zal daarbij naar beste vermogen met de belangen van de cliënt rekening houden. Tot de zorgplicht behoren ook adequaat vermogensbeheer, een intakegesprek en een beleggingsovereenkomst. Eveneens behoort een belegging afgestemd te zijn op het door de cliënt geaccepteerde risiconiveau.
Sinds 1 juli 2002 zijn financiële instellingen ook verplicht om bij het aanbieden van complexe producten een Financiële Bijsluiter te leveren. Deze geeft informatie over de eigenschappen van het product om cliënten meer inzicht te geven in het soort product, het rendement, de kosten en de risico’s.
Het artikel van Ton Damen en de uitlatingen van bankier Tom Loonen behoren tegen deze achtergrond van voorschriften in het effectenverkeer op hun merites beoordeeld te worden en dan kan slechts een dikke onvoldoende gegeven worden. Damen en Loonen maken banken zoals Labouchere en Dexia, de Belgische bank die Legiolease van Labouchere overnam, tot slachtoffer en de cliënten die aandelenleaseproducten bij deze banken kochten worden door beide heren eenvoudigweg tot zondebokken gemaakt. Zij zijn de oorzaak van alle ellende, terwijl de banken niets te verwijten valt. Het is een klap in het gezicht van alle gedupeerden, die nu niet zelden torenhoge schulden hebben, variërend van een paar duizend euro tot enkele tonnen. Als de reeds genoemde banken en andere financiële instellingen, zoals Spaarselect en Spaarbeleg (onderdeel van het concern Aegon) serieus vorm en inhoud hadden gegeven aan hun zorgplicht, dan was dit schandaal nooit ontstaan. Er zijn nooit risicoprofielen samengesteld, nooit zijn er intakegesprekken gevoerd, financiële bijsluiters zijn nooit verstrekt, er werd op geen enkele wijze uitgegaan van de belangen van de cliënt en vermogensbeheer kennen deze instellingen kennelijk ook al niet, want waarom greep men niet in toen de aandelenkoersen scherp daalden? De informatieverstrekking bleef beperkt tot folders met een hoog hosanna-gehalte en één of twee opdringerige telefoontjes. De nadruk werd daarbij eenzijdig gelegd op het behalen van irreële winsten en over verliezen werd niet of nauwelijks gesproken. Dat de aandelen gekocht werden met geleend geld is velen ontgaan. Begrippen als “rente” en “schuld” werden zoveel mogelijk vermeden. “Uw maandelijkse inleg” was een beter alternatief om mensen zand in de ogen te strooien. Op die manier werd gesuggereerd dat er van de maandelijkse termijnen aandelen gekocht werden, althans zo is dat door vele beleggers verstaan. Dexia meende het zich te kunnen veroorloven om contracten met minderjarigen te sluiten en bij Spaarselect werden potentiële cliënten geadviseerd de overwaarde van hun huis te gebruiken voor een tweede hypotheek (niet fiscaal aftrekbaar!) en met dat geld te “beleggen” in aandelenleaseproducten. Veel van deze mensen zitten nu voor de rest van hun leven opgezadeld met een enorme schuld van niet zelden enkele tonnen en psychische problemen. Wat heeft dit alles met zorgplicht te maken? Is dit de belangen van de cliënt de hoogste prioriteit geven? Nee, het is ordinair winstbejag over de ruggen van mensen, die zich nu wanhopig en machteloos voelen. Zij hebben hun laatste hoop gevestigd op collectieve verenigingen van gedupeerden, die het wel opnemen voor hun belangen, opdat ze misschien nog iets van hun geld terugzien. En daar is niets mis mee zou ik tegen journalist Ton Damen willen zeggen.
Dexia komt door de uitgeoefende druk met een aanbod, waarvoor ze zich zou moeten generen. Gedupeerden, die op het aanbod ingaan moeten nota bene afstand doen van hun recht juridische procedures tegen Dexia te beginnen. Waarom verplichten ze mensen afstand te doen van dit recht als zij beweren, dat hen niets te verwijten valt? Het aanbod kent drie varianten met “verruimde mogelijkheden”, waarvan de gedupeerden niet of nauwelijks beter worden. Het is dan ook min of meer vanzelfsprekend, dat slechts een handjevol mensen op het aanbod van Dexia is ingegaan. Klanten worden nu gebeld met de boodschap toch maar in hun eigen belang het aanbod van Dexia te accepteren. Sinds wanneer komt Dexia voor de belangen van cliënten op? We moeten hier naar mijn oordeel lezen “het belang van Dexia”.
“Het is wildwest”, stelt Damen. Nog afgezien van de vraag of deze typering juist is, vraag ik me af wie daarvan de veroorzakers zijn? De gedupeerden in geen geval. “Zij zouden eenvoudigweg weigeren hun contractueel vastgelegde verplichtingen na te komen”, stelt Damen. Zou Damen zich één moment hebben afgevraagd waarom mensen niet meer aan hun verplichtingen kunnen of willen voldoen? Financieel staat een groot aantal mensen er nu zeer slecht voor en bovendien stelt Dexia zich veel te hard op. Met deze bank is niet te praten over een schikking, die recht doet aan de gevolgen van de onoirbare verkooppraktijken van Dexia. Bij de belangenverenigingen van gedupeerden komen met enige regelmaat berichten binnen, dat mensen als gevolg van hoge schulden levensmoe zijn, dat zij nog slechts een somber toekomstperspectief hebben en zelfs uit het leven willen stappen. Je zou ook maar een schuld hebben van € 200.000. Dergelijke geluiden gaan bij mij door merg en been. Bij u ook, meneer Damen? En bij u, meneer Loonen?
Henk Westerveld
Uden
Met opperste verbazing las ik op de beurspagina van het Parool van vrijdag 2 mei jl. het uiterst tendentieuze artikel van journalist Ton Damen over met name de kopers van aandelenleaseproducten. Tom Loonen, bankier en schrijver van het jaarverslag van de Klachtencommissie DSI, wordt door Damen als deskundige opgevoerd. DSI (Dutch Securities Institute) is een orgaan van de Amsterdamse effectenbeurs en maakt als zodanig deel uit van de financiële wereld.
Met gedupeerden van aandelenleasecontracten wordt ongefundeerd en op journalistiek onverantwoorde wijze de vloer aangeveegd. Het zijn “wanbetalers” met “claimgedrag”, die “lont ruiken” en “door al die rechtszaken om hen heen al gauw denken dat ook zij een zaak hebben, want niet geschoten is altijd mis”, aldus de ongenuanceerd redenerende bankier Loonen. Je vraagt je af hoe Damen zo’n eenzijdig betoog durft te publiceren.
Voor een beter begrip van de problemen met aandelenleaseconstructies is het noodzakelijk stil te staan bij de tamelijk recente regelgeving betreffende complexe financiële producten. Mensen die zulke producten aanschaffen hebben in vergelijking met de aanbieders doorgaans een informatieachterstand. Financiële dienstverleners zijn daarentegen goed op de hoogte van onder andere de risico’s die deze producten met zich meebrengen. Ter bescherming van hun potentiële cliënten behoren zij hen over deze risico’s zo objectief mogelijk te informeren. De belangen van cliënten tellen altijd het zwaarst.
Om deze reden zijn banken en andere aanbieders van beleggingsproducten sinds 1999 verplicht een zogenaamd risicoprofiel van hun cliënten samen te stellen. Dat houdt in, dat onder andere vastgelegd wordt hoeveel ervaring iemand met beleggen heeft, hoeveel geld geïnvesteerd kan worden, hoeveel risico een bepaalde cliënt kan lopen, etc. Om een risicoprofiel te kunnen samenstellen zullen banken en andere financiële instellingen met hun cliënten in gesprek moeten treden. Een folder en een telefoontje volstaan beslist niet. Financiële instellingen houden zich nogal eens niet aan deze verplichting. Zij lopen het risico dat door de Autoriteit Financiële Markten (AFM), gedragstoezichthouder op financiële marktpartijen, toezichtsmaatregelen worden getroffen en/of boetes oplegd worden. Banken en andere financiële instellingen die geen gevolg geven aan de verplichting deze profielen samen te stellen, voldoen niet aan de zorgplicht.
In de Algemene Voorwaarden voor banken, die in 1995 zijn vastgelegd, wordt de zorgplicht (art.2) als volgt omschreven: De bank (en andere effecteninstellingen) dient bij haar dienstverlening de nodige zorgvuldigheid in acht te nemen. Zij zal daarbij naar beste vermogen met de belangen van de cliënt rekening houden. Tot de zorgplicht behoren ook adequaat vermogensbeheer, een intakegesprek en een beleggingsovereenkomst. Eveneens behoort een belegging afgestemd te zijn op het door de cliënt geaccepteerde risiconiveau.
Sinds 1 juli 2002 zijn financiële instellingen ook verplicht om bij het aanbieden van complexe producten een Financiële Bijsluiter te leveren. Deze geeft informatie over de eigenschappen van het product om cliënten meer inzicht te geven in het soort product, het rendement, de kosten en de risico’s.
Het artikel van Ton Damen en de uitlatingen van bankier Tom Loonen behoren tegen deze achtergrond van voorschriften in het effectenverkeer op hun merites beoordeeld te worden en dan kan slechts een dikke onvoldoende gegeven worden. Damen en Loonen maken banken zoals Labouchere en Dexia, de Belgische bank die Legiolease van Labouchere overnam, tot slachtoffer en de cliënten die aandelenleaseproducten bij deze banken kochten worden door beide heren eenvoudigweg tot zondebokken gemaakt. Zij zijn de oorzaak van alle ellende, terwijl de banken niets te verwijten valt. Het is een klap in het gezicht van alle gedupeerden, die nu niet zelden torenhoge schulden hebben, variërend van een paar duizend euro tot enkele tonnen. Als de reeds genoemde banken en andere financiële instellingen, zoals Spaarselect en Spaarbeleg (onderdeel van het concern Aegon) serieus vorm en inhoud hadden gegeven aan hun zorgplicht, dan was dit schandaal nooit ontstaan. Er zijn nooit risicoprofielen samengesteld, nooit zijn er intakegesprekken gevoerd, financiële bijsluiters zijn nooit verstrekt, er werd op geen enkele wijze uitgegaan van de belangen van de cliënt en vermogensbeheer kennen deze instellingen kennelijk ook al niet, want waarom greep men niet in toen de aandelenkoersen scherp daalden? De informatieverstrekking bleef beperkt tot folders met een hoog hosanna-gehalte en één of twee opdringerige telefoontjes. De nadruk werd daarbij eenzijdig gelegd op het behalen van irreële winsten en over verliezen werd niet of nauwelijks gesproken. Dat de aandelen gekocht werden met geleend geld is velen ontgaan. Begrippen als “rente” en “schuld” werden zoveel mogelijk vermeden. “Uw maandelijkse inleg” was een beter alternatief om mensen zand in de ogen te strooien. Op die manier werd gesuggereerd dat er van de maandelijkse termijnen aandelen gekocht werden, althans zo is dat door vele beleggers verstaan. Dexia meende het zich te kunnen veroorloven om contracten met minderjarigen te sluiten en bij Spaarselect werden potentiële cliënten geadviseerd de overwaarde van hun huis te gebruiken voor een tweede hypotheek (niet fiscaal aftrekbaar!) en met dat geld te “beleggen” in aandelenleaseproducten. Veel van deze mensen zitten nu voor de rest van hun leven opgezadeld met een enorme schuld van niet zelden enkele tonnen en psychische problemen. Wat heeft dit alles met zorgplicht te maken? Is dit de belangen van de cliënt de hoogste prioriteit geven? Nee, het is ordinair winstbejag over de ruggen van mensen, die zich nu wanhopig en machteloos voelen. Zij hebben hun laatste hoop gevestigd op collectieve verenigingen van gedupeerden, die het wel opnemen voor hun belangen, opdat ze misschien nog iets van hun geld terugzien. En daar is niets mis mee zou ik tegen journalist Ton Damen willen zeggen.
Dexia komt door de uitgeoefende druk met een aanbod, waarvoor ze zich zou moeten generen. Gedupeerden, die op het aanbod ingaan moeten nota bene afstand doen van hun recht juridische procedures tegen Dexia te beginnen. Waarom verplichten ze mensen afstand te doen van dit recht als zij beweren, dat hen niets te verwijten valt? Het aanbod kent drie varianten met “verruimde mogelijkheden”, waarvan de gedupeerden niet of nauwelijks beter worden. Het is dan ook min of meer vanzelfsprekend, dat slechts een handjevol mensen op het aanbod van Dexia is ingegaan. Klanten worden nu gebeld met de boodschap toch maar in hun eigen belang het aanbod van Dexia te accepteren. Sinds wanneer komt Dexia voor de belangen van cliënten op? We moeten hier naar mijn oordeel lezen “het belang van Dexia”.
“Het is wildwest”, stelt Damen. Nog afgezien van de vraag of deze typering juist is, vraag ik me af wie daarvan de veroorzakers zijn? De gedupeerden in geen geval. “Zij zouden eenvoudigweg weigeren hun contractueel vastgelegde verplichtingen na te komen”, stelt Damen. Zou Damen zich één moment hebben afgevraagd waarom mensen niet meer aan hun verplichtingen kunnen of willen voldoen? Financieel staat een groot aantal mensen er nu zeer slecht voor en bovendien stelt Dexia zich veel te hard op. Met deze bank is niet te praten over een schikking, die recht doet aan de gevolgen van de onoirbare verkooppraktijken van Dexia. Bij de belangenverenigingen van gedupeerden komen met enige regelmaat berichten binnen, dat mensen als gevolg van hoge schulden levensmoe zijn, dat zij nog slechts een somber toekomstperspectief hebben en zelfs uit het leven willen stappen. Je zou ook maar een schuld hebben van € 200.000. Dergelijke geluiden gaan bij mij door merg en been. Bij u ook, meneer Damen? En bij u, meneer Loonen?
Henk Westerveld
Uden