Kan zekerheidsstelling niet betalen en nu?
Geplaatst: 18 mei 2015 07:42
Beste Forum-leden.
Ik ben de wanhoop bijna nabij... ik zal de situatie in het kort even schetsen. 4 jaar terug, op 19-jarige leeftijd heeft mijn dochter een naïef foutje begaan. Ze woonde toen op zichzelf, waardoor e.e.a. aan onze aandacht is ontsnapt. Zij werkte naast haar opleiding, parttime, had weinig geld te besteden en dacht geld te kunnen besparen door de verzekering van haar (toen al maanden vanwege een defect in de schuur staande) brommertje op te zeggen, waarna ze de brommer op marktplaats te koop had gezet.
Enige maanden daarna kwam haar fout aan het licht toen het CJIB een beschikking stuurde vanwege het niet verzekeren van de brommer. Op het moment dat het CJIB dit constateerde had ze de brommer al verkocht, en terwijl ze met het CJIB en RDW in contact was getreden om te achterhalen wat ze fout had gedaan, viel er opnieuw een nieuwe beschikking op de deurmat. Tot overmaat van ramp had dus de koper van haar brommer zijn belofte om het kenteken op zijn naam te zetten, niet nagekomen. Al met al niet handig gehandeld van haar, achteraf gezien. Een lange reeks van telefoontjes, van kastje naar de muur enz. volgde om het kenteken te schorsen en uiteindelijk van haar naam te krijgen. Inmiddels volgde op de allereerste beschikking nog twee keer een nieuwe boete voor het niet verzekeren van een brommer die ze dus niet bezat.
De allereerste beschikking is uiteindelijk 3 jaar na dato bij de rechtbank voorgekomen. In die zitting bij de Rechtbank Rotterdam is zij door de rechter deels in het gelijk gesteld, met als resultaat dat er een schikking van 50% van de originele boete zonder verhogingen is bepaald, aangezien ze natuurlijk ook niet helemaal handig had gehandeld.
Deze schikking heeft ze netjes voldaan, waarbij ze de reeds betaalde verhogingen op de beschikking geretourneerd kreeg.
In mijn beleving is de verkeersovertreding en alle daarna verstuurde beschikkingen omtrent constatering van dezelfde verkeersovertreding (het niet verzekeren van een, in dit geval niet meer in bezit hebbend, motorvoertuig) afgedaan met betaling van deze schikking. Niet dus!
Op elke daarna verstuurde CJIB-beschikking heb ik namens haar daarom bezwaar gemaakt. Het CJIB blijft haar echter vanuit hun administratie steeds opnieuw beschikkingen en verhogingen sturen. Ook nog eens met steeds wisselende beschikkingsnummers, waardoor niet duidelijk is waarop de correspondentie betrekking heeft.
Voor iemand met weinig juridische kennis, zoals wij, is dit niet nauwelijks meer te volgen.
Omdat onze bezwaren om procedure-matige redenen niet inhoudelijk worden bekeken, blijft ze steeds beschikkingen ontvangen met als gevolg dat de boetes nu al tot zo'n 2000 euro zijn opgelopen.
Om de kantonrechter opnieuw naar de zaak te laten kijken, moet ze nu zekerheid stellen en een boete van 1000 alsnog 'voorschieten'. Gezien haar en onze financiële situatie is het onmogelijk om deze zekerheidsstelling te voldoen, afgezien van de onterechtheid ervan. Het CVOM stelt nu dat ze daarmee de kans loop dat haar bezwaar inhoudelijk niet behandeld gaat worden. Hierdoor zit ze dus in een vicieuze cirkel. De rechter is klaarblijkelijk de enige instantie die het dossier inhoudelijk kan en wil beoordelen, maar haar onvermogen tot zekerheidsstelling voorkomt hoogstwaarschijnlijk dat dit ook zal plaatsvinden. Terwijl het CJIB op grond van de uitspraak van de rechter in de behandeling van de allereerste in deze reeks beschikkingen, kan concluderen dat deze reeks beschikkingen eigenlijk onzinnig is.
Heeft iemand enig idee hoe we deze situatie kunnen laten stoppen??
Met vriendelijke groeten,
Rob Romeijn
Ik ben de wanhoop bijna nabij... ik zal de situatie in het kort even schetsen. 4 jaar terug, op 19-jarige leeftijd heeft mijn dochter een naïef foutje begaan. Ze woonde toen op zichzelf, waardoor e.e.a. aan onze aandacht is ontsnapt. Zij werkte naast haar opleiding, parttime, had weinig geld te besteden en dacht geld te kunnen besparen door de verzekering van haar (toen al maanden vanwege een defect in de schuur staande) brommertje op te zeggen, waarna ze de brommer op marktplaats te koop had gezet.
Enige maanden daarna kwam haar fout aan het licht toen het CJIB een beschikking stuurde vanwege het niet verzekeren van de brommer. Op het moment dat het CJIB dit constateerde had ze de brommer al verkocht, en terwijl ze met het CJIB en RDW in contact was getreden om te achterhalen wat ze fout had gedaan, viel er opnieuw een nieuwe beschikking op de deurmat. Tot overmaat van ramp had dus de koper van haar brommer zijn belofte om het kenteken op zijn naam te zetten, niet nagekomen. Al met al niet handig gehandeld van haar, achteraf gezien. Een lange reeks van telefoontjes, van kastje naar de muur enz. volgde om het kenteken te schorsen en uiteindelijk van haar naam te krijgen. Inmiddels volgde op de allereerste beschikking nog twee keer een nieuwe boete voor het niet verzekeren van een brommer die ze dus niet bezat.
De allereerste beschikking is uiteindelijk 3 jaar na dato bij de rechtbank voorgekomen. In die zitting bij de Rechtbank Rotterdam is zij door de rechter deels in het gelijk gesteld, met als resultaat dat er een schikking van 50% van de originele boete zonder verhogingen is bepaald, aangezien ze natuurlijk ook niet helemaal handig had gehandeld.
Deze schikking heeft ze netjes voldaan, waarbij ze de reeds betaalde verhogingen op de beschikking geretourneerd kreeg.
In mijn beleving is de verkeersovertreding en alle daarna verstuurde beschikkingen omtrent constatering van dezelfde verkeersovertreding (het niet verzekeren van een, in dit geval niet meer in bezit hebbend, motorvoertuig) afgedaan met betaling van deze schikking. Niet dus!
Op elke daarna verstuurde CJIB-beschikking heb ik namens haar daarom bezwaar gemaakt. Het CJIB blijft haar echter vanuit hun administratie steeds opnieuw beschikkingen en verhogingen sturen. Ook nog eens met steeds wisselende beschikkingsnummers, waardoor niet duidelijk is waarop de correspondentie betrekking heeft.
Voor iemand met weinig juridische kennis, zoals wij, is dit niet nauwelijks meer te volgen.
Omdat onze bezwaren om procedure-matige redenen niet inhoudelijk worden bekeken, blijft ze steeds beschikkingen ontvangen met als gevolg dat de boetes nu al tot zo'n 2000 euro zijn opgelopen.
Om de kantonrechter opnieuw naar de zaak te laten kijken, moet ze nu zekerheid stellen en een boete van 1000 alsnog 'voorschieten'. Gezien haar en onze financiële situatie is het onmogelijk om deze zekerheidsstelling te voldoen, afgezien van de onterechtheid ervan. Het CVOM stelt nu dat ze daarmee de kans loop dat haar bezwaar inhoudelijk niet behandeld gaat worden. Hierdoor zit ze dus in een vicieuze cirkel. De rechter is klaarblijkelijk de enige instantie die het dossier inhoudelijk kan en wil beoordelen, maar haar onvermogen tot zekerheidsstelling voorkomt hoogstwaarschijnlijk dat dit ook zal plaatsvinden. Terwijl het CJIB op grond van de uitspraak van de rechter in de behandeling van de allereerste in deze reeks beschikkingen, kan concluderen dat deze reeks beschikkingen eigenlijk onzinnig is.
Heeft iemand enig idee hoe we deze situatie kunnen laten stoppen??
Met vriendelijke groeten,
Rob Romeijn