diefstal door schoonmaakbedrijf
Geplaatst: 13 jan 2005 18:12
Geachte mevrouw, mijnheer
Ik zal me eerst even voorstellen: Ik ben Ellen van Diek, grafisch ontwerper/mede directeur bij ontwerpbureau Neon in Amsterdam. Ons bureau zit in een verzamel kantoorgebouw dwz we zitten met een aantal kleine bedrijven in één pand en delen faciliteiten.
Vorig jaar heeft onze vaste schoonmaker (nota bene van een schoonmaakbedrijf) alle computers gestolen, hij was in het bezit van de sleutel en code om het alarm uit te zetten. Daarna hebben we allle stappen ondernomen - zoals het volgens mij hoort - en lopen voortdurend tegen de muur:
- De verzekering keert niet uit omdat de 'dief' is binnengekomen met sleutel en alarmcode
- Politie doet het werk en stuurt het dossier naar Justitie
- Politie stuurt ons naar Slachtofferhulp
- Slachtofferhulp stuurt ons naar een advocaat
- Advocaat slelt schoonmaakbedrijf aansprakelijk maar het wachten is op de gerechtelijke procedure
- Na ongeveer een jaar krijg ik een brief dat de zaak geseponeerd is wegens gebrek aan bewijs
- Vervolgens stuur ik onderstaande brief waarin ik aangeef dat ik dat niet accepteer
Tevens zoek ik via deze weg de publiciteit
Wellicht kunt u mij adviseren,
vriendelijke groet
E. van Diek
---------------
hieronder staat mijn brief
Op 29 december 2004 ontvingen wij een brief dat u onze zaak tegen schoonmaakbedrijf Bayar Facilitaire Diensten uit Zaanstad wegens ‘gebrek aan bewijs’ heeft geseponeerd. Wij zijn zo vrij dit een alleszins merkwaardige vorm van communicatie te vinden, omdat:
a. méér dan voldoende bewijs tegen genoemde werknemer is, en
b. aan ons geen begrijpelijke motivatie voor het seponeren is gegeven.
Daarom protesteren wij mede namens alle gedupeerden met klem tegen het seponeren van de ingediende aanklacht van diefstal van eigendommen.
Genoemde roof vond plaats op 4 februari 2004 rond 23.30 uur. Hierbij zijn diverse computers en software gestolen. De diefstal is gepleegd door de vaste schoonmaker, die in dienst is (was) van schoonmaakbedrijf Bayar, gevestigd in Zaanstad. Deze beschikte over een sleutel en de voor hem specifieke alarmcode, waarmee hij het alarm kon uitschakelen: het werd die nacht niet meer geactiveerd. Het logboek van beveiligingsbedrijf SentinelAlarm geeft hieromtrent duidelijk inzicht. Bovendien heeft onze buurman (dhr X) op dat tijdstip de bedrijfsauto van Bayar voor de ingang van ons bedrijf zien staan en heeft dit – op eigen initiatief! -aan de politie gemeld.
Toen wij de ochtend van de vijfde februari bij aanvang werkzaamheden ontdekten dat onze apparatuur was gestolen, hebben wij onmiddellijk de politie gewaarschuwd en aangifte van diefstal gedaan. Dit is overigens door elk bedrijf dat in het pand is gevestigd, afzonderlijk gedaan.
Hierna heeft de politie haar werk gedaan om de diefstal op te lossen. Wij hebben bezoek gehad van vier agenten, die tot onze verbazing géén vingerafdrukken hebben genomen, of ander sporenonderzoek hebben verricht. Ze hebben de tijd genomen om in circa vijf minuten ons verhaal aan te horen, om zich vervolgens te verexcuseren dat ze het zo druk hadden en zijn weggaan. Wel hebben ze een door ons gevonden tangetje meegenomen, dat is gebruikt om kettingen door te knippen waaraan de computers vastzaten. Ons is gezegd geen enkele actie te ondernemen gedurende dit onderzoek, daar wij anders ‘de politie voor de voeten zouden lopen’.
Daarna volgde slechts grote stilte van de zijde van de politie. Zelf hebben wij – en met name mevrouw Van Diek – enige malen telefonisch contact met de politie opgenomen. Tenslotte kreeg mevrouw Van Diek een reprimande, waarbij haar fijntjes werd verteld dat zij ‘de politie niet meer mocht lastigvallen’.
Na een lange stilte van de kant van de politie hebben wij na een aantal weken contact opgenomen met dhr G (brigadier van politie), die vertelde dat het politieonderzoek was afgerond en het rapport naar justitie was gestuurd.
Er werd ons geadviseerd contact met Slachtofferhulp (Van Hilligartstraat 13-15, Amsterdam) op te nemen. Dit hebben wij gedaan en kwamen in contact met mevrouw K (jurist). Zij vroeg om het proces verbaal, het contract met schoonmaakbedrijf Bayar, en logboek van beveiligingsbedrijf SentinelAlarm, zodat zij de zaak kon voorbereiden.
Uiteindelijk, en na grondig onderzoek, kwam mevrouw K met het advies een advocaat in de arm te nemen om schoonmaakbedrijf Bayar aansprakelijk te stellen. Ook raadde zij aan zoveel mogelijk (aankoop)bonnen te verzamelen om directe financiële schade vast te kunnen stellen. Zij kon niets meer voor ons doen, want het wachten was nu op justitie. Aldus is contact met justitie opgenomen, waar ons werd verteld dat het een gerechtelijke procedure tegen Bayar zou worden. Gezien de lange wachtlijsten, zou dit enige tijd duren: “Denkt u maar aan een maximum wachttijd van twee jaar”.
Toch kregen wij een brief van u met de korte mededeling dat er geen rechtszaak meer zal komen.
Daarom protesteren wij mede namens alle gedupeerden met klem tegen het seponeren van de ingediende aanklacht van diefstal van eigendommen.
a. In de eerste plaats hebben wij als gedupeerden, die nota bene in grote financiële problemen zijn geraakt, niets minder dan recht op een eerlijke procedure en nemen geen genoegen met de vaak gehoorde riedel: ‘Wij van het Openbaar Ministerie hebben het druk druk, dus u begrijpt dat wij uw dossier hebben gesloten’.
b. Als gedupeerden van economisch onrecht zijn wij dubbel gedupeerd, aangezien wij op aanraden van Slachtofferhulp een advocaat in de arm hebben genomen, om deze vervolgens een fors bedrag te moeten betalen.
c. Belangrijk: door één van de gedupeerden is via de site Marktplaats.nl één van de gestolen computers getraceerd. Dit heeft zij aan de politie gemeld. Het spoor van de aanbieder van de computer leidt naar de vriendin van de dader! Politie noch OM heeft met dit ijzersterke bewijs iets gedaan.
Wij eisen van uw kant opening van zaken en zijn benieuwd hoe u het hard kunt maken dat er – met zoveel bewijsmateriaal – niet voldoende bewijs zou zijn .
Namens E. van Diek,
(Grafisch Ontwerpburo Neon)
en overige gedupeerden
Ik zal me eerst even voorstellen: Ik ben Ellen van Diek, grafisch ontwerper/mede directeur bij ontwerpbureau Neon in Amsterdam. Ons bureau zit in een verzamel kantoorgebouw dwz we zitten met een aantal kleine bedrijven in één pand en delen faciliteiten.
Vorig jaar heeft onze vaste schoonmaker (nota bene van een schoonmaakbedrijf) alle computers gestolen, hij was in het bezit van de sleutel en code om het alarm uit te zetten. Daarna hebben we allle stappen ondernomen - zoals het volgens mij hoort - en lopen voortdurend tegen de muur:
- De verzekering keert niet uit omdat de 'dief' is binnengekomen met sleutel en alarmcode
- Politie doet het werk en stuurt het dossier naar Justitie
- Politie stuurt ons naar Slachtofferhulp
- Slachtofferhulp stuurt ons naar een advocaat
- Advocaat slelt schoonmaakbedrijf aansprakelijk maar het wachten is op de gerechtelijke procedure
- Na ongeveer een jaar krijg ik een brief dat de zaak geseponeerd is wegens gebrek aan bewijs
- Vervolgens stuur ik onderstaande brief waarin ik aangeef dat ik dat niet accepteer
Tevens zoek ik via deze weg de publiciteit
Wellicht kunt u mij adviseren,
vriendelijke groet
E. van Diek
---------------
hieronder staat mijn brief
Op 29 december 2004 ontvingen wij een brief dat u onze zaak tegen schoonmaakbedrijf Bayar Facilitaire Diensten uit Zaanstad wegens ‘gebrek aan bewijs’ heeft geseponeerd. Wij zijn zo vrij dit een alleszins merkwaardige vorm van communicatie te vinden, omdat:
a. méér dan voldoende bewijs tegen genoemde werknemer is, en
b. aan ons geen begrijpelijke motivatie voor het seponeren is gegeven.
Daarom protesteren wij mede namens alle gedupeerden met klem tegen het seponeren van de ingediende aanklacht van diefstal van eigendommen.
Genoemde roof vond plaats op 4 februari 2004 rond 23.30 uur. Hierbij zijn diverse computers en software gestolen. De diefstal is gepleegd door de vaste schoonmaker, die in dienst is (was) van schoonmaakbedrijf Bayar, gevestigd in Zaanstad. Deze beschikte over een sleutel en de voor hem specifieke alarmcode, waarmee hij het alarm kon uitschakelen: het werd die nacht niet meer geactiveerd. Het logboek van beveiligingsbedrijf SentinelAlarm geeft hieromtrent duidelijk inzicht. Bovendien heeft onze buurman (dhr X) op dat tijdstip de bedrijfsauto van Bayar voor de ingang van ons bedrijf zien staan en heeft dit – op eigen initiatief! -aan de politie gemeld.
Toen wij de ochtend van de vijfde februari bij aanvang werkzaamheden ontdekten dat onze apparatuur was gestolen, hebben wij onmiddellijk de politie gewaarschuwd en aangifte van diefstal gedaan. Dit is overigens door elk bedrijf dat in het pand is gevestigd, afzonderlijk gedaan.
Hierna heeft de politie haar werk gedaan om de diefstal op te lossen. Wij hebben bezoek gehad van vier agenten, die tot onze verbazing géén vingerafdrukken hebben genomen, of ander sporenonderzoek hebben verricht. Ze hebben de tijd genomen om in circa vijf minuten ons verhaal aan te horen, om zich vervolgens te verexcuseren dat ze het zo druk hadden en zijn weggaan. Wel hebben ze een door ons gevonden tangetje meegenomen, dat is gebruikt om kettingen door te knippen waaraan de computers vastzaten. Ons is gezegd geen enkele actie te ondernemen gedurende dit onderzoek, daar wij anders ‘de politie voor de voeten zouden lopen’.
Daarna volgde slechts grote stilte van de zijde van de politie. Zelf hebben wij – en met name mevrouw Van Diek – enige malen telefonisch contact met de politie opgenomen. Tenslotte kreeg mevrouw Van Diek een reprimande, waarbij haar fijntjes werd verteld dat zij ‘de politie niet meer mocht lastigvallen’.
Na een lange stilte van de kant van de politie hebben wij na een aantal weken contact opgenomen met dhr G (brigadier van politie), die vertelde dat het politieonderzoek was afgerond en het rapport naar justitie was gestuurd.
Er werd ons geadviseerd contact met Slachtofferhulp (Van Hilligartstraat 13-15, Amsterdam) op te nemen. Dit hebben wij gedaan en kwamen in contact met mevrouw K (jurist). Zij vroeg om het proces verbaal, het contract met schoonmaakbedrijf Bayar, en logboek van beveiligingsbedrijf SentinelAlarm, zodat zij de zaak kon voorbereiden.
Uiteindelijk, en na grondig onderzoek, kwam mevrouw K met het advies een advocaat in de arm te nemen om schoonmaakbedrijf Bayar aansprakelijk te stellen. Ook raadde zij aan zoveel mogelijk (aankoop)bonnen te verzamelen om directe financiële schade vast te kunnen stellen. Zij kon niets meer voor ons doen, want het wachten was nu op justitie. Aldus is contact met justitie opgenomen, waar ons werd verteld dat het een gerechtelijke procedure tegen Bayar zou worden. Gezien de lange wachtlijsten, zou dit enige tijd duren: “Denkt u maar aan een maximum wachttijd van twee jaar”.
Toch kregen wij een brief van u met de korte mededeling dat er geen rechtszaak meer zal komen.
Daarom protesteren wij mede namens alle gedupeerden met klem tegen het seponeren van de ingediende aanklacht van diefstal van eigendommen.
a. In de eerste plaats hebben wij als gedupeerden, die nota bene in grote financiële problemen zijn geraakt, niets minder dan recht op een eerlijke procedure en nemen geen genoegen met de vaak gehoorde riedel: ‘Wij van het Openbaar Ministerie hebben het druk druk, dus u begrijpt dat wij uw dossier hebben gesloten’.
b. Als gedupeerden van economisch onrecht zijn wij dubbel gedupeerd, aangezien wij op aanraden van Slachtofferhulp een advocaat in de arm hebben genomen, om deze vervolgens een fors bedrag te moeten betalen.
c. Belangrijk: door één van de gedupeerden is via de site Marktplaats.nl één van de gestolen computers getraceerd. Dit heeft zij aan de politie gemeld. Het spoor van de aanbieder van de computer leidt naar de vriendin van de dader! Politie noch OM heeft met dit ijzersterke bewijs iets gedaan.
Wij eisen van uw kant opening van zaken en zijn benieuwd hoe u het hard kunt maken dat er – met zoveel bewijsmateriaal – niet voldoende bewijs zou zijn .
Namens E. van Diek,
(Grafisch Ontwerpburo Neon)
en overige gedupeerden