Je koopt een product waar je van uit moet gaan dat het goed is. De garantie op producten zit dan ook meestal op slijtage van delen.
Garantie is niets anders dan de schade dat ontstaan is door fabricagefouten.
Dat zeggen ook de fabrikanten in hun garantievoorwaarden.
Dus normale slijtage valt nooit onder garantie.
De garantieperiode wordt bepaald door de fabrikant en de winkelier.
De fabrikant geeft een periode en de winkelier mag daar niet onder zitten, daarboven wel.
De reden dat de winkelier vaak de periodes aanhoudt van de fabrikant is ook niet vreemd, want dan kost het hem immers geen geld.
En je moet eerst geld verdienen voordat je het uit kunt geven.
De economische levensduur wordt bepaald door de fabrikant en vooral de marktwerking.
De technische levensduur wordt bepaald door de fabrikant.
Ook de producteingenschappen worden door de fabrikant bepaald.
Dus de consument bepaald NIET de technische levensduur en de producteigenschappen (veel consumenten wordt wijs gemaakt dat ze dat wel bepalen.)
Heel veel consumenten maken tijdens de koop een hele grote fout.
Die kiezen een product uit en eisen dan dat het product aan hun eisen moet voldoen. Totaal verkeerd.
De consument moet eerst alle eisen en wensen op een rijtje zetten, en daarna kiest men het product uit wat aan de wensen voldoet.
Dat is de enige manier om niet voor verrassingen komen te staan.
Er wordt ook vaak gezegd dat na het verstrijken van de garantieperiode dat je dan nog recht hebt op gratis reparatie.
Totale onzin dus.
Want op een moederbord zit 3 jaar garantie. De economische levensduur is ook 3 jaar. Dus na 3 jaar heb je geen recht op gratis reparatie of vervangen of coulanceregeling.
De wet zegt dat je na het verstrijken van de garantieperiode nog recht hebt op een werkend product.
Dat betekent dat een winkelier niet mag zeggen:
"Sorry, de garantie is verlopen dus daar doen we niets meer aan."
De winkelier is dus verplicht om de klant te helpen.
Echter de wet zegt niet dat het gratis moet.
Dat zeggen de consumentenorganisaties.
Echter de consumentenorganisaties mogen zeggen wat ze willen, maar wat ze zeggen is géén wet (al denken ze van wel.)
Dus volgens de wetboeken mag de winkelier gewoon arbeidsloon en materiaalkosten in rekening brengen.