| LET OP: Dit topic is meer dan drie jaar geleden geplaatst. De informatie is mogelijk verouderd. |
[ archief ] SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
SCHIKKING WAS EEN “JOKE”
Heel de geschiedenis van de schikking is onzinnig in het geval van al diegenen, die op tijd hun contracten vernietigd hebben. Het is geen wonder dat Duisenberg zelf in zijn overwegingen ook voorstelde een totale kwijtschelding, maar dan van de restschuld, wat een nog grotere onzin is van zwaar kaliber. Immers hoe kan bij een aanvankelijke vernietiging, een restschuld blijven bestaan, die dan kwijtgescholden zou kunnen worden? Het lijkt veel op oplichting door verdraaiing!
Indien het contract vernietigd is (of Dexia het goed vindt of niet) zouden er twee dingen
mogelijk zijn: 1. Dexia gaat niet akkoord met de vernietiging en stapt naar de rechter om de vernietiging teniet te doen en haar rechten opeisen.
2. De gedupeerde stapt naar de rechter om de situatie te laten inroepen, die vóór de overeenkomst bestond; m.a.w. het opeisen van het inleggeld en kosten!
Het eerste geval is uitgesloten, omdat het voor Dexia geen voordeel levert en Dexia had dan ook hiervan afgezien om dan, terwijl de overeenkomst vernietigd is, om toch nog een schijnschikking te fokken.
Het tweede geval spreekt voor zich. Men kan zich nu kritisch gaan opstellen en zich afvragen, hoe kan een contract enerzijds vernietigd worden en anderzijds toch nog een schikking eraan gebreid worden! Zij het “vernietiging”, of zij het een “schikking”, maar niet beiden. Het kàn niet anders één moet er dan voor spek en bonen zijn en dat is de schikking!
Zelfs wanneer de rechters beginnen in te zien, dat Dexia de inleggelden terug moet betalen, dan nog zal Dexia over water lopen en reageren als de ooievaar, die de vis uit zijn bek liet ontglippen: Och….laat maar, ik lust toch geen vis!
Heel de geschiedenis van de schikking is onzinnig in het geval van al diegenen, die op tijd hun contracten vernietigd hebben. Het is geen wonder dat Duisenberg zelf in zijn overwegingen ook voorstelde een totale kwijtschelding, maar dan van de restschuld, wat een nog grotere onzin is van zwaar kaliber. Immers hoe kan bij een aanvankelijke vernietiging, een restschuld blijven bestaan, die dan kwijtgescholden zou kunnen worden? Het lijkt veel op oplichting door verdraaiing!
Indien het contract vernietigd is (of Dexia het goed vindt of niet) zouden er twee dingen
mogelijk zijn: 1. Dexia gaat niet akkoord met de vernietiging en stapt naar de rechter om de vernietiging teniet te doen en haar rechten opeisen.
2. De gedupeerde stapt naar de rechter om de situatie te laten inroepen, die vóór de overeenkomst bestond; m.a.w. het opeisen van het inleggeld en kosten!
Het eerste geval is uitgesloten, omdat het voor Dexia geen voordeel levert en Dexia had dan ook hiervan afgezien om dan, terwijl de overeenkomst vernietigd is, om toch nog een schijnschikking te fokken.
Het tweede geval spreekt voor zich. Men kan zich nu kritisch gaan opstellen en zich afvragen, hoe kan een contract enerzijds vernietigd worden en anderzijds toch nog een schikking eraan gebreid worden! Zij het “vernietiging”, of zij het een “schikking”, maar niet beiden. Het kàn niet anders één moet er dan voor spek en bonen zijn en dat is de schikking!
Zelfs wanneer de rechters beginnen in te zien, dat Dexia de inleggelden terug moet betalen, dan nog zal Dexia over water lopen en reageren als de ooievaar, die de vis uit zijn bek liet ontglippen: Och….laat maar, ik lust toch geen vis!
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
Zaterdag 22 oktober 2005 -
Consumentenbond woedend op Zalm
(Novum) - De Consumentenbond vindt het 'onbegrijpelijk' dat de invoer voor de Wet financiële diensten (WFD) opnieuw is uitgesteld. Dat schrijft de bond vrijdag in een brief aan minister van Financiën Gerrit Zalm (VDD). Het wetsvoorstel is in april 2004 naar de Tweede Kamer gestuurd, maar heeft door aanpassingen verschillende rnalen vertraging opgelopen. De Bond staat erop dat de wet uiterlijk l januari 2006 van kracht wordt.
In de WFD komen regels te staan voor financiële dienstverleners zoals banken en verzekeraars. Zij mogen volgens de nieuwe wet alleen diensten aanbieden als ze daarvoor een vergunning hebben. Die vergunning krijgt de dienstverlener alleen als hij heeft aangetoond integer te zijn, over voldoende deskundigheid beschikt en de juiste informatie verschaft aan de consument.
Dienstverleners en hun tussenpersonen moeten duidelijk aangeven voor wie ze werken en worden verplicht tot bijscholing. Daarnaast moeten tussenpersonen duidelijk aangeven of de consument voldoende financiële middelen heeft om de nieuwe dienst of product te betalen. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) moet toezien op naleving van de wet en kan in geval van misbruik boetes uitdelen.
De Tweede Kamer is in oktober 2004 akkoord gegaan met de wet, maar wilde inspraak houden op regels die uit de wet voortvloeien. De wet werd daarom uitgesteld tot het voorjaar van dit jaar. Ook deze datum werd niet gehaald.
Zalm maakte vrijdag bekend dat de invoerdatum van de wet opnieuw is uitgesteld. Op 10 november beoordeelt de Kamer of de wet op l januari 2006 kan worden ingevoerd. De Consumentenbond vreest dat de wet 'onder druk van belangenverenigingen van financiële dienstverleners' opnieuw zal worden uitgesteld.
Een woordvoerder van Zalm zegt vrijdag dat 'de wet wat ons betreft ook eerder had mogen ingaan.' "Wij gaan niet over de behandeling in de kamer en maken alleen een realistische inschatting vooreen ingangsdatum."
Volgens de Consumentenbond moet Zalm 'niet de schuld geven aan de kamer'. "Zalm is verantwoordelijk voor de wet en moet er voor zorgen dat het geregeld wordt", zegt een woordvoerder vrijdag. "Als de wet op l januari 2006 niet van kracht wordt, vragen wij ons ernstig af of dit kabinet wei zo'n consumentenbeschermend kabinet is als ze zelf zeggen."
[Copyright 2005, Novum]
10/22/20050:51
l Of 2
Consumentenbond woedend op Zalm
(Novum) - De Consumentenbond vindt het 'onbegrijpelijk' dat de invoer voor de Wet financiële diensten (WFD) opnieuw is uitgesteld. Dat schrijft de bond vrijdag in een brief aan minister van Financiën Gerrit Zalm (VDD). Het wetsvoorstel is in april 2004 naar de Tweede Kamer gestuurd, maar heeft door aanpassingen verschillende rnalen vertraging opgelopen. De Bond staat erop dat de wet uiterlijk l januari 2006 van kracht wordt.
In de WFD komen regels te staan voor financiële dienstverleners zoals banken en verzekeraars. Zij mogen volgens de nieuwe wet alleen diensten aanbieden als ze daarvoor een vergunning hebben. Die vergunning krijgt de dienstverlener alleen als hij heeft aangetoond integer te zijn, over voldoende deskundigheid beschikt en de juiste informatie verschaft aan de consument.
Dienstverleners en hun tussenpersonen moeten duidelijk aangeven voor wie ze werken en worden verplicht tot bijscholing. Daarnaast moeten tussenpersonen duidelijk aangeven of de consument voldoende financiële middelen heeft om de nieuwe dienst of product te betalen. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) moet toezien op naleving van de wet en kan in geval van misbruik boetes uitdelen.
De Tweede Kamer is in oktober 2004 akkoord gegaan met de wet, maar wilde inspraak houden op regels die uit de wet voortvloeien. De wet werd daarom uitgesteld tot het voorjaar van dit jaar. Ook deze datum werd niet gehaald.
Zalm maakte vrijdag bekend dat de invoerdatum van de wet opnieuw is uitgesteld. Op 10 november beoordeelt de Kamer of de wet op l januari 2006 kan worden ingevoerd. De Consumentenbond vreest dat de wet 'onder druk van belangenverenigingen van financiële dienstverleners' opnieuw zal worden uitgesteld.
Een woordvoerder van Zalm zegt vrijdag dat 'de wet wat ons betreft ook eerder had mogen ingaan.' "Wij gaan niet over de behandeling in de kamer en maken alleen een realistische inschatting vooreen ingangsdatum."
Volgens de Consumentenbond moet Zalm 'niet de schuld geven aan de kamer'. "Zalm is verantwoordelijk voor de wet en moet er voor zorgen dat het geregeld wordt", zegt een woordvoerder vrijdag. "Als de wet op l januari 2006 niet van kracht wordt, vragen wij ons ernstig af of dit kabinet wei zo'n consumentenbeschermend kabinet is als ze zelf zeggen."
[Copyright 2005, Novum]
10/22/20050:51
l Of 2
-
hoekandat1
- Berichten: 190
- Lid geworden op: 05 okt 2005 20:25
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
Volgens de Consumentenbond moet Zalm 'niet de schuld geven aan de kamer'. "Zalm is verantwoordelijk voor de wet en moet er voor zorgen dat het geregeld wordt", zegt een woordvoerder vrijdag. "Als de wet op l januari 2006 niet van kracht wordt, vragen wij ons ernstig af of dit kabinet wei zo'n consumentenbeschermend kabinet is als ze zelf zeggen."
Persoonlijk kan ik ook niet van de Consumentenbond zeggen dat men consumentenbeschermend is betreffende het aandelen lease schandaal.
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
De consumentenbond snapt dus helemaal geen ene fl*kker van staatsrecht. Als de kamer de wet niet goedkeurt kan Zalm die niet in zijn eentje rechtsgeldig tot wet verheffen.Volgens de Consumentenbond moet Zalm 'niet de schuld geven aan de kamer'. "Zalm is verantwoordelijk voor de wet en moet er voor zorgen dat het geregeld wordt",
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
zeker niet als er steeds weer aanpassingen moeten komen die via deze bond door de kamer worden opgelegd. Dat vertraagt de boel.
De kamer is hier de schuldige en niet Zalm. Is weer lekker inspelen op onderbuik gevoelens dit.
Ow ja Willems. Kap eens met Duisenberg afzeiken. Wees blij dat die man een fundament heeft geschapen voor een oplossing, ben je het er niet mee eens stap naar de rechter, voor 90% is zijn regeling een prima oplossing om het af te sluiten.
De kamer is hier de schuldige en niet Zalm. Is weer lekker inspelen op onderbuik gevoelens dit.
Ow ja Willems. Kap eens met Duisenberg afzeiken. Wees blij dat die man een fundament heeft geschapen voor een oplossing, ben je het er niet mee eens stap naar de rechter, voor 90% is zijn regeling een prima oplossing om het af te sluiten.
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
voor 90% is zijn regeling een prima oplossing om het af te sluiten.
GELDWEG;
Leg eens uit
GELDWEG;
Leg eens uit
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
Onder die 90% vallen de mensen die een laag schadebedrag (inleg + restschuld) hebben. De advocaatkosten wegen dan niet op tegen het terug te vorderen bedrag en/of geestelijk niet meer in staat zijn een strijd te voeren tegen Dexia.
Schikkingen zijn in classactions (om het zo maar even te noemen) nu eenmaal afgestemd op de massa en niet het individu.
Met een kleine restschuld is het de vraag of de kosten opwegen tegen het resultaat en de periode van extra onzekerheid en stress.
Via de schikking kan de meerderheid, en ja 90% valt onder die groep, dit debacle afsluiten en hun "leven" weer op pakken.
Daarnaast is de kans erg groot dan rechters de schikking als leidraad zullen nemen en vonnissen conform de regeling. De hoge raad is de instantie die dit uiteindelijk zal bepalen. Wat een kantonrechter vonnist is geen richtlijn, pas als de hoge raad zich uitspreekt zal er een precedent geschapen zijn, eerder niet. Kosten voor hoger beroep kunnen met gemak de 1000 euro overschrijden of veelvouden hiervan. Hier komen de eerder gemaakte kosten bovenop. Helemaal als je na hoger beroep nog in cassatie zou gaan.
Met een lage schuld wegen de kosten dan niet op tegen het eventuele resultaat. De schikking heb je, bij een rechtzaak heb je niks en kans dat je met niks thuiskomt of een soortgelijk bedrag als in de schikking.
Schikkingen zijn in classactions (om het zo maar even te noemen) nu eenmaal afgestemd op de massa en niet het individu.
Met een kleine restschuld is het de vraag of de kosten opwegen tegen het resultaat en de periode van extra onzekerheid en stress.
Via de schikking kan de meerderheid, en ja 90% valt onder die groep, dit debacle afsluiten en hun "leven" weer op pakken.
Daarnaast is de kans erg groot dan rechters de schikking als leidraad zullen nemen en vonnissen conform de regeling. De hoge raad is de instantie die dit uiteindelijk zal bepalen. Wat een kantonrechter vonnist is geen richtlijn, pas als de hoge raad zich uitspreekt zal er een precedent geschapen zijn, eerder niet. Kosten voor hoger beroep kunnen met gemak de 1000 euro overschrijden of veelvouden hiervan. Hier komen de eerder gemaakte kosten bovenop. Helemaal als je na hoger beroep nog in cassatie zou gaan.
Met een lage schuld wegen de kosten dan niet op tegen het eventuele resultaat. De schikking heb je, bij een rechtzaak heb je niks en kans dat je met niks thuiskomt of een soortgelijk bedrag als in de schikking.
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
Die kans wordt eventueel reeel als WCAM verzoek wordt gehonoreerd.Daarnaast is de kans erg groot dan rechters de schikking als leidraad zullen nemen en vonnissen conform de regeling.
De kans dat het WCAM verzoek er door komt is nog zeer de vraag.
Huidige uitspraken zijn allerminst conform Duivelsberg-schikking.
Zie hiervoor bijvoorbeeld:
Met vriendelijke groet,LJN: AU5542,Sector kanton Rechtbank 's-Hertogenbosch, 341384
Datum uitspraak: 14-10-2005
Datum publicatie: 03-11-2005
Rechtsgebied: Civiel overig
Soort procedure: Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie: Zaak bij kantonrechter van Dexia versus gedaagde. Overeenkomst betreffende de WinstVerDriedubbelaar voldoet aan alle vereisten die gesteld worden aan een huukoopovereenkomst. Toestemming echtgenoot vereist op grond van artikel 1:88 lid 1 sub d BW. Verklaring voor recht dat de overeenkomst door het schrijven van de echtgenoot is vernietigd. Dexia dient hetgeen op grond van de overeenkomst is betaald als onverschuldigd terug te betalen.
Pieter Hezemans
Vereniging Payback
Re: SCHIKKING WAS EN SUPER JOKE
@ Pieter
Commentar van de kantonrrechter betreffend de Duivelsbergschikking uit het vonnis ....
14.1Bij antwoordakte heeft Dexia nog verwezen naar het resultaat dat is bereikt in het overleg onder leiding van de heer Duisenberg. Daarbij heeft zij gewezen op het thans bij de Eerste Kamer aanhangige wetsvoorstel nummer 29414 tot wijziging van het BW en Rv. teneinde de collectieve afwikkeling van massaschades te vergemakkelijken. De kantonrechter gaat hier echter aan voorbij. Het overleg onder leiding van de heer Duisenberg was er op gericht om te komen tot een voorstel voor een schikking dat de individuele klant van Dexia kon accepteren of verwerpen. Dat een dergelijk voorstel tot stand is gekomen, betekent dan ook niet dat [gedaagde] daar ook aan gebonden is, te minder nu uit het feit dat zij wenst voort te procederen volgt dat zij het voorstel niet wil accepteren. Dat is ook niet onredelijk, omdat het voorstel voor cliënten van Dexia die zich kunnen beroepen op vernietiging van de overeenkomst bij gebreke aan toestemming van hun echtgenoot minder ver strekt dan hetgeen hun op basis van hun verweer zou toekomen, zodat zij ontegenzeggelijk een belang houden bij voortprocederen. De kantonrechter acht de inhoud van het resultaat van die onderhandelingen overigens als algemeen bekend, nu daaraan ruimschoots aandacht is besteed in de media, zodat hij zich vrij acht die inhoud bij dit oordeel te betrekken.
14.2Het wetsvoorstel 29414 is niet meer dan dat, een wetsvoorstel. Het beoogt een ingrijpende wijziging van één van de basisbeginselen van het overeenkomstenrecht, te weten: dat overeenkomsten tussen partijen slechts tot stand komen op basis van aanbod door de ene partij en aanvaarding van dat aanbod door de wederpartij. Het wetsvoorstel beoogt immers - heel verkort weergegeven - de mogelijkheid in het leven te roepen dat een gelaedeerde gebonden wordt aan een vaststellingsovereenkomst die een belangenbehartigende persoon of instantie met de aansprakelijke schadeveroorzaker treft en bij de totstandkoming van welke vaststellingsovereenkomst de gelaedeerde zelf niet betrokken hoeft te zijn geweest, mits die vaststellingsovereenkomst verbindend wordt verklaard. Nu het wetsvoorstel beoogt een mogelijkheid in het leven te roepen die afwijkt van het hiervor genoemde basisbeginsel en evenmin kan worden geoordeeld dat het codificatie betreft van een thans (buiten de insolventiepraktijk en het arbeidsrecht om) reeds gebruikelijke gang van zaken, is de kantonrechter van oordeel dat op deze ontwikkeling in de wetgeving niet geanticipeerd kan worden, nog daargelaten dat niet is gebleken dat de bereikte overeenstemming de goedkeuring zou kunnen verkrijgen van een "verbindend verklarende rechter".
groetjes Julika
Commentar van de kantonrrechter betreffend de Duivelsbergschikking uit het vonnis ....
14.1Bij antwoordakte heeft Dexia nog verwezen naar het resultaat dat is bereikt in het overleg onder leiding van de heer Duisenberg. Daarbij heeft zij gewezen op het thans bij de Eerste Kamer aanhangige wetsvoorstel nummer 29414 tot wijziging van het BW en Rv. teneinde de collectieve afwikkeling van massaschades te vergemakkelijken. De kantonrechter gaat hier echter aan voorbij. Het overleg onder leiding van de heer Duisenberg was er op gericht om te komen tot een voorstel voor een schikking dat de individuele klant van Dexia kon accepteren of verwerpen. Dat een dergelijk voorstel tot stand is gekomen, betekent dan ook niet dat [gedaagde] daar ook aan gebonden is, te minder nu uit het feit dat zij wenst voort te procederen volgt dat zij het voorstel niet wil accepteren. Dat is ook niet onredelijk, omdat het voorstel voor cliënten van Dexia die zich kunnen beroepen op vernietiging van de overeenkomst bij gebreke aan toestemming van hun echtgenoot minder ver strekt dan hetgeen hun op basis van hun verweer zou toekomen, zodat zij ontegenzeggelijk een belang houden bij voortprocederen. De kantonrechter acht de inhoud van het resultaat van die onderhandelingen overigens als algemeen bekend, nu daaraan ruimschoots aandacht is besteed in de media, zodat hij zich vrij acht die inhoud bij dit oordeel te betrekken.
14.2Het wetsvoorstel 29414 is niet meer dan dat, een wetsvoorstel. Het beoogt een ingrijpende wijziging van één van de basisbeginselen van het overeenkomstenrecht, te weten: dat overeenkomsten tussen partijen slechts tot stand komen op basis van aanbod door de ene partij en aanvaarding van dat aanbod door de wederpartij. Het wetsvoorstel beoogt immers - heel verkort weergegeven - de mogelijkheid in het leven te roepen dat een gelaedeerde gebonden wordt aan een vaststellingsovereenkomst die een belangenbehartigende persoon of instantie met de aansprakelijke schadeveroorzaker treft en bij de totstandkoming van welke vaststellingsovereenkomst de gelaedeerde zelf niet betrokken hoeft te zijn geweest, mits die vaststellingsovereenkomst verbindend wordt verklaard. Nu het wetsvoorstel beoogt een mogelijkheid in het leven te roepen die afwijkt van het hiervor genoemde basisbeginsel en evenmin kan worden geoordeeld dat het codificatie betreft van een thans (buiten de insolventiepraktijk en het arbeidsrecht om) reeds gebruikelijke gang van zaken, is de kantonrechter van oordeel dat op deze ontwikkeling in de wetgeving niet geanticipeerd kan worden, nog daargelaten dat niet is gebleken dat de bereikte overeenstemming de goedkeuring zou kunnen verkrijgen van een "verbindend verklarende rechter".
groetjes Julika
